Bernstein Chichester Psalms
Op het kleine lijstje van eigentijdse
topstukken voor koor en orgel nemen de Chichester Psalms (1965) van Leonard
Bernstein in de 'orgelversie' een bijzondere plaats in. Door de eeuwen heen was
alle koor&orgelmuziek bijna zonder uitzondering kerkmuziek. En die wordt
nou eenmaal vaak gekenmerkt door een verheven, religieuze
ernst. Er is nauwelijks muziek
voor koor en orgel met zo'n aanstekelijke
Latijns-Amerikaanse baldadige vrolijkheid als het eerste deel van de Chichester
Psalms en zeker niet van deze
kwaliteit.
De orgelversie is een bewerking voor koor en een
ensemble van 3 spelers (orgel,
1 harpspeler en 1 slagwerker) van de originele versie voor koor en groot symfonieorkest
bestaande uit koperblazers, slagwerk, 2 harpen en strijkers.
Die symfonische versie klinkt helaas op een aantal plaatsen erg wollig - het
is veel werk om de ritmische scherpte goed te laten uitkomen. Het
grote voordeel van de orgelversie is de grotere
helderheid die overigens alleen wordt bereikt als orgel en organist voldoende
pit hebben en
de akoestiek van de kerkruimte meewerkt.
Bij de orkestversie zullen de harpen achter het strijkorkest
en het slagwerk naast of achter de koperblazers worden opgesteld. In de
orgelversie kunnen die ene slagwerker en de harpspeler centraal vóór het koor worden
opgesteld. Voor de kijker-luisteraar
en zeker ook voor kinderen wordt de amusementswaarde van het stuk sterk verhoogd door het
theatrale zicht op het door één virtuoze slagwerker bespeelde slagwerkinstrumentarium en de harpspeler. De slagwerklijst is
uiterst gevarieerd en
vermeldt: glockenspiel, xylophone, chimes,
triangle, wood block, temple blocks, tambourine, snare drum, 3 bongos, bass
drum, cymbals, suspended cymbal, whip, and rasp.
Bernstein schreef de Chichester Psalms
met een Engels kathedraal koor in zijn gedachten dat bestond uit jongens en
mannen. Voor de grote solo in het tweede deel vraagt hij om een jongen of
een counter-tenor. Het is zeker niet geschreven in sopraanligging maar meer
voor alt/mezzo. In
die ligging is een goede boy-solo niet eenvoudig te vinden. De jongensstem
moet in de laagte ook enige draagkracht hebben anders is het alleen maar schattig en horen we
niets in de zaal. Voor als een goede jongensstem niet voorhanden is en
bovendien om elke onzekerheid te voorkomen dat de gedroomde boy-solo een
maand voor het concert plotseling met een beginnend snorretje en een basstem
wakker wordt is een counter-tenor wel zo safe. Een heldere meisjesstem in het mezzoregister
is ook nog een goed
alternatief.
Te koop zijn de partituur en
klavieruittreksel van de Original version.
Van de Reduction of the original score for
Organ, one Harp and Percussion (one player) / Reduced Version for Organ, Harp and
Percussion zijn te koop een dirigeerpartituur (Conductor Score) en 2 aparte
partijen voor harp en percussie. Er is geen aparte orgelpartij: de organist
speelt uit een extra Conductor Score. Dat is voor de organist erg onhandig want er moet
voortdurend worden omgeslagen.
Zie ook:
BernsteinChichesterText